bovenaanzicht van het château de versailles nabij parijs

Hieronder volgt per discipline een beknopt overzicht. Voor een uitgebreider overzicht, inclusief video’s met deelnemers en bondscoaches, de beschikbare fankleding, het programma met tijden en het laatste nieuws verwijzen we je naar de speciale Road to Paris pagina op knhs.nl. Een uitgebreid historisch overzicht vind je hier

Eventing

65 deelnemers - 16 landenteams

Team

  • Janneke Boonzaaijermet ACSI Champ de Tailleur (eigen reservepaard I'm Special N N.O.P.)
  • Sanne de Jong met Enjoy
  • Raf Kooremansmet Crossborder Radar Love
  • Elaine Penmet Divali (reservecombinatie)

    Bondscoach Andrew Heffernan  
    Teamveterinair Leendert Jan HoflandDressuur
janneke boonzaaijer met acsi champ de tailleur tijdens de olympische cross van tokio

Programma

27 juli: Dressuur 

28 juli: Cross-Country 

29 juli: Springen (individuele- en teammedailles) 

Format

De team- en individuele competitie worden gelijktijdig verreden. Een team bestaat uit drie combinaties en er is geen schrapresultaat. Alle deelnemers rijden op de eerste dag hun dressuurproef, gevolgd door de cross-country op dag twee en het springen op dag drie. De laatste dag start met een springparcours om het teamklassement te bepalen. Vervolgens strijden de 25 hoogstgeplaatste combinaties in een tweede springproef om de individuele medailles.

Historie

In wat we een geheel andere tijd kunnen noemen was Nederland een grote natie op de olympische eventing, toen nog military geheten. Precies een eeuw geleden én ook in Parijs won Dolf van der Voort van Zijp met Silver Piece het individuele goud en was er goud voor het team. Vier jaar later in Amsterdam volgde weer dubbel goud, met dit keer de individuele plak voor Charles Pahud de Mortanges met Marcroix. Dit beroemde duo stond ook in 1932 op de hoogste trede in Los Angeles.  
Dit alles staat helaas in schril contrast met de olympische successen na de Tweede Wereldoorlog. Nederland kwam niet vaak met een volledig team aan de start, al zien we deze eeuw meer lichtpuntjes. Zo werd het Nederlandse team in Rio de Janeiro (2016) nog zesde en zal er nu in Parijs ook een volledige afvaardiging verschijnen.

De hippische afvaardiging van TeamNL komt in alle disciplines met een

volledig team aan de start

Dressuur

60 deelnemers - 16 landenteams

Team

  • Dinja van Liere met Hermès N.O.P. (eigen reservepaard Hartsuijker)

  • Hans Peter Minderhoudmet GLOCK’s Toto Jr

  • Emmelie Scholtens met Indian Rock

  • Edward Gal met GLOCK’s Total US (reservecombinatie)

    Bondscoach Patrick van der Meer
    Teamveterinair Edwin Enzerink

dinja van liere en hermes in actie tijdens de landenwedstrijd van chio rotterdam

Programma

30 en 31 juli: Grand Prix 

3 augustus: Grand Prix Special (teammedailles) 

4 augustus: Kür op muziek (individuele medailles) 

Format

Een landenteam bestaat uit drie combinaties en er is geen schrapresultaat. Alle deelnemers beginnen in de Grand Prix. Dit is de kwalificatiewedstrijd voor zowel de individuele competitie (Kür) als de teamcompetitie (Grand Prix Special) en wordt in zes groepen, verdeeld op basis van de FEI-ranglijst, verreden. De twee beste ruiters per groep, aangevuld met de volgende zes hoogst scorende ruiters, kwalificeren zich voor de Kür op muziek.  

Na afloop van de Grand Prix wordt een teamranking gemaakt en plaatsen de beste tien teams zich voor de Grand Prix Special, waarin de teller weer op nul springt en de teammedailles worden verdeeld. Ook de top 18 voor de Kür begint met een schone lei aan de strijd om de individuele medailles.  

Historie

In tegenstelling tot de eventing behoren de grote dressuursuccessen tot een veel recenter verleden. Deze olympische hoogtepunten kunnen in één adem genoemd worden met de naam Anky van Grunsven. De grande dame van de Nederlandse dressuur had een grote inbreng in de zilveren teammedailles van Barcelona ’92, Atlanta ’96, Sydney ’00 en Hongkong/Peking ’08 en droeg haar steentje bij aan het brons van Londen ’12, waar Adelinde Cornelissen met Parzival de vaandeldrager was. Anky behaalde haar successen vooral met haar legendarische Bonfire en Salinero. Met de eerste won ze individueel goud in Sydney en met de tweede behaalde ze de mooiste kleur medaille in Athene ’04 en Hongkong/Peking.

In de historie van de Olympische Spelen behaalde onze paardensport 26 medailles in totaal, waarvan negen goud van kleur

Springen

75 deelnemers - 20 landenteams

Team

  • Willem Greve met Grandorado TN N.O.P. (eigen reservepaard Highway TN N.O.P.)

  • Harrie Smoldersmet Uricas vd Kattevennen (eigen reservepaard Monaco N.O.P.)

  • Maikel van der Vleuten met Beauville Z N.O.P. (eigen reservepaard O'Bailey vh Brouwershof N.O.P.)

  • Kim Emmen met Imagine (reservecombinatie)


    Bondscoach: Jos Lansink

    Teamveterinairs: Frank van Hoeck en Willem Verhaege (BEL)

maikel van der vleuten beloont beauville z nop na afloop van een wedstrijd op de olympische spelen

Programma

1 augustus: Teamkwalificatie 

2 augustus: Teamfinale 

5 augustus: Individuele kwalificatie 

6 augustus: Individuele finale 

Format

Tijdens de teamkwalificatiewedstrijd strijden twintig teams (drie combinaties per team, zonder schrapresultaat) om een finaleplek, die is weggelegd voor de tien hoogstgeplaatste landen. In de teamfinale gaat de teller weer op nul en springen de ruiters (drie per team) een parcours over één ronde. Bij een gelijk aantal strafpunten volgt er een barrage voor de verdeling van de medailles.  

Aan de individuele kwalificatiewedstrijd mogen 75 combinaties deelnemen, met een maximum van drie per land. Na één ronde mogen de 30 hoogstgeplaatste combinaties een dag later van start in de finale, waarin de individuele medailles worden verdeeld. De behaalde resultaten in de kwalificatie tellen niet mee, alle combinaties beginnen weer op nul. Na één ronde volgt eventueel nog een barrage voor de eerste plaats bij een gelijk aantal strafpunten. 

Historie

Het zwaartepunt van de olympische springsuccessen ligt duidelijk aan het eind van de vorige eeuw en in de huidige eeuw. Na een zilveren oprisping met het team op de beladen Spelen van Berlijn 1936 volgde ruim een halve eeuw later eclatant succes tijdens Barcelona ‘92. Een legendarisch team (Jos Lansink/Egano, Piet Raijmakers/Ratina Z, Jan Tops/Top Gun en Bert Romp/Waldo E) behaalde teamgoud en voor Raijmakers blonk eveneens individueel zilver. Acht jaar later was er in Sydney een nieuw hoogtepunt toen Jeroen Dubbeldam met De Sjiem historisch goud pakte, terwijl Albert Voorn met Lando een treetje lager op het podium eindigde. In 2012 konden we weer twee medailles noteren: zilver voor het team én individueel zilver voor Gerco Schröder met London. Het meest recent is natuurlijk het prachtige succes voor Maikel van der Vleuten met Beauville Z N.O.P. tijdens de ‘Corona Spelen’ van Tokio.  


Hun bronzen plak brengt het totaal voor de Nederlandse paardensport op 26 olympische medailles, onderverdeeld in 9x goud, 13x zilver en 4x brons.    

Met het befaamde Château de Versailles als decor gaan deze Spelen naar verwachting​​​​​​​ bijzondere beelden opleveren

Paradressuur

75 deelnemers - 15 landenteams

Team

Nog niet bekend

sanne voets en haar demantur nop in actie tijdens de paralympics van tokio

Programma

3 september: Individuele wedstrijd Grade I, II en III 

4 september: Individuele wedstrijd Grade IV en V 

6 september: Landenwedstrijd 

9 september: Kürfinale (alle Grades) 

Format

Het Paralympische programma bestaat uit drie wedstrijden en per land komen maximaal vier ruiters aan de start. Alle combinaties nemen deel aan de individuele wedstrijd en in alle grades worden medailles uitgereikt. De beste acht combinaties per grade kwalificeren zich voor de Kür op Muziek.  

Na de individuele wedstrijd volgt de landenwedstrijd, waarin ieder team uit maximaal drie combinaties bestaat, met minimaal een ruiter uit Grade I, II of III en een ruiter uit Grade IV en V. Alle resultaten per team tellen mee voor de medailles. De paradressuur wordt afgesloten met de individuele Kür. In elke grade worden medailles uitgereikt.  

Historie

De paralympische historie gaat voor de paardensport terug tot 1984. Joop Stokkel en Mirjam Amsing waren in 1996 de eerste Nederlanders die in Atlanta van start gingen op door de organisatie beschikbaar gestelde paarden. Ook vier jaar later in Sydney werd met leenpaarden gereden. Stokkel won goud in Grade II en behaalde zilver in de Kür. Het team veroverde zilver en vier jaar later in Athene het brons.  

Daarna veranderde veel in de organisatiestructuur van de Nederlandse parasport en kwam de paradressuur onder de vlag van de KNHS terecht. Dat leverde tijdens recente Spelen het nodige eremetaal op, met onder meer teambrons in Rio, teamzilver in Tokio en driemaal individueel goud voor Sanne Voets met Demantur N.O.P.  

visual van de olympische piste tijdens het springen op het terrein van het château de versailles

Parijs 2024

Honderd jaar na de laatste Olympische Spelen in Parijs wordt op 26 juli de olympische vlam weer ontstoken in de Franse hoofdstad. Parijs belooft de meest duurzame Spelen uit de geschiedenis van het grootste sportevenement ter wereld te organiseren.  

Als we specifiek kijken naar de paardensporten vinden deze plaats op de iconische locatie van het Château de Versailles (zie openingsbeeld), nabij Parijs. Naar verwachting gaat dit bijzondere beelden opleveren én mooie reclame voor de paardensport. Om dit laatste te kunnen bewerkstelligen zal paardenwelzijn voorop staan, zo is de uitgesproken ambitie van de Fransen, die veel kennis en ervaring in onze sport hebben. Op voorhand weten we dat na de logistieke uitdagingen voor Rio de Janeiro (2016) en Tokio (2021) deze Spelen een beduidend minder grote operatie vergen, met het leeuwendeel van de mondiale toppaarden reeds in West-Europa aanwezig.